Het hieronder staande bericht van het Expertisecentrum Mantelzorg bevestigt als eerste de angstige voorgevoelens van het DCMN, verwoord in het nieuwjaarsartikel d.d. 5 jan. 2010.

Met de AWBZ Pakketmaatregel Begeleiding verliezen kwetsbare groepen zorg. Daardoor krijgen mantelzorgers het zwaar. Dat is de belangrijkste conclusie van onderzoek van het Expertisecentrum Mantelzorg (onderdeel van MOVISIE en Vilans).

Naar schatting kan een kwart van de cliënten door de aanscherping van de AWBZ geen aanspraak (meer) maken op ondersteunende en activerende begeleiding (OB en AB). Dat zijn zo’n 60.000 mensen, zo blijkt uit het onderzoek ‘Kan de mantelzorger dit aan?’ Het gaat dan vooral om het verdwijnen van zorg voor kwetsbare groepen. ‘Voor de mantelzorgende partner van een dementerende oudere betekent dit dat drie dagen dagopvang in een verpleeghuis wegvallen. En dat hij of zij weer 24 uur per dag moet zorgen,’ zegt Susan Feith, onderzoeker bij Vilans, kenniscentrum voor langdurige zorg. ‘Een boodschap doen of familiebezoek is er niet meer bij.’ Geen respijt meer dus voor veel mantelzorgers.

Extra zwaar
‘Het lastige is,’ vervolgt Feith, ‘dat mensen met een lichte beperking er als eerste uitvallen. Juist bij groepen als beginnend dementerenden, jonge psychiatrische patiënten en eenzame allochtone ouderen is de mantelzorg extra zwaar. Dat komt omdat zij toch al een klein sociaal netwerk hebben.’ Ze noemt als voorbeeld de vroeg dementerende oudere, wiens mantelzorgers juist in de beginfase veel informatie en begeleiding nodig hebben. ‘Daar wordt nu geen rekening mee gehouden. De ernst van de aandoening is het criterium, niet de zwaarte van de mantelzorg.’

Onzichtbaar
Iedereen die nu recht heeft op begeleiding, wordt dit jaar opnieuw geïndiceerd door indicatiecentrum CIZ. Feith: ‘Maar veel mensen begrijpen het formulier niet dat ze krijgen, gooien het weg, en zijn dus automatisch hun indicatie kwijt.’ Er hebben zich ook nog maar weinig mensen met hulpvragen gemeld bij officiële kanalen als Wmo-loketten en MEE, die de overgang voor mantelzorgers begeleidt. De grootste bedreiging zit volgens het onderzoek dan ook in het onzichtbaar blijven van overbelaste mantelzorgers, en daardoor het te laat inzetten van ondersteuning. Om dat te voorkomen, moet de gemeente meer de regie pakken, adviseert het Expertisecentrum Mantelzorg. ‘Mantelzorgers moeten in staat worden gesteld te participeren in de samenleving. Zij vallen ook onder de Wmo. En daarom moet dit probleem volgens het Wmo-principe door de gemeente worden opgepakt,’ aldus Feith.

Creatieve oplossingen
Veel gemeenten zijn nog te afwachtend, blijkt uit het onderzoek. Daar loopt het spaak. ‘De Wmo-gedachte is om mensen zelfredzaam te maken en het sociale netwerk de oplossing te laten vinden. Maar de gemeente kan zich wel afvragen: wie staan eromheen, wie denkt er mee? Feith: ‘De mantelzorger van de dementerende oudere die nu weer 24 uur moet zorgen, zou de inzet van een vrijwilliger goed kunnen gebruiken.’ Feith roept gemeenten op lokale zorg- en welzijnspartijen samen te brengen en op zoek te gaan naar creatieve en goedkopere oplossingen.

Het rapport is te vinden op:  www.expertisecentrummantelzorg.nl

Dit artikel is onderdeel van het nieuwe Z+W katern 'Wmo-Extra'. Een speciaal katern van zes pagina’s, rondom de Wet maatschappelijke ondersteuning.